Huismus

 Het was haast onwerkelijk dat de huismus, ooit zo'n vertrouwde stadsvogel, in 2004 op de Rode Lijst belandde. De achteruitgang van deze soort is mede veroorzaakt door verlies aan nestgelegenheid, vooral door afdichting van de onderste rij dakpannen met vogelschroot. Vooral in de huizenbouw kunnen we veel voor de huismus doen, onder andere door toepassing van de Vogelvide. Dit is een alternatief voor vogelschroot dat voldoet aan alle bouweisen én de huismus nestruimte biedt! Veel woningbouwcorporaties en gemeenten passen dit reeds toe. Ook zijn speciale ‘mussendakpannen' toepasbaar.

Biotoop

  • Oorspronkelijke biotoop: de vermoedelijke oorsprong ligt in het savannegebied in het Midden-Oosten.
  • Stadsbiotoop: de huismus leeft overal waar mensen zijn.

Nestplaats

  • Natuurlijke nestplaats: de huismus is zeer creatief in het vinden van nestplaatsen, meestal in huizen. Er zijn weinig natuurlijke nestplaatsen bekend.
  • Nestplaats in de stad:uiteenlopende holtes, meestal onder dakpannen. De huismus broedt in kleine tot middelgrote kolonies. Uitwisseling met andere kolonies is belangrijk.

Broedtijd

  • Vanaf half april. Jaarlijks zijn er 2 of 3 legsels.
  • Broedsucces is sterk afhankelijk van voldoende eiwitrijk voedsel voor jongen. Reproductie is meestal pas voldoende vanaf 2e legsel. Op plaatsen met onvoldoende voedsel maken huismussen geen vervolglegsels.

Voedsel

De volwassen huismus eet voor meer dan 90% plantaardig voedsel. De jongen worden de eerste twee weken gevoerd met insecten, vooral bladluizen. Vinden de oudervogels onvoldoende insecten, dan krijgen de jongen plantaardig voedsel. Naarmate het percentage plantaardig voedsel in het menu van de jongen toeneemt, neemt hun nestgewicht af en daarmee de overlevingskansen in de cruciale eerste tien dagen buiten het nest.

Aandachtspunten

  • De huismus was lange tijd zó algemeen, dat het leek alsof de soort overal kon leven. Inmiddels is duidelijk dat de huismus wel degelijk specifieke eisen stelt aan de biotoop De Vogelvide als alternatief voor vogelschroot zou standaard geplaatst moeten worden bij renovatie en nieuwbouw.
  • Huismussen leven in honkvaste groepen en benutten meestal enkele vaste voedselbronnen. Rond dergelijke plekken, zoals kinderboerderijen en kippenrennen, bevinden zich nu de laatste bolwerken in de grote steden. Van hieruit kan de stand zich herstellen, mits de condities elders verbeteren.
  • Direct nabij de nestplaats en de belangrijkste voedselbronnen moet voldoende dekking aanwezig zijn voor de hele groep. Dit is meestal een dichte, altijd groene struik of een begroeide gevel. Op plaatsen waar nu nog huismussen voorkomen moeten deze worden behouden. Plant op plaatsen waar voorzieningen voor huismussen worden getroffen ook struiken of klimplanten.

 

 

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen? Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen.